Fokreglement : tot anders wordt besloten is het fokreglement volgens het
door de Raad v. Beheer B.R.S
Systeem van kracht.
Rasstandaard Mastino Espagnol:


Classificatie F.C.I. nr.91: -Group 2 Pinscher en Schnauzers-Molossers-Zwitserse
Berghonden en andere Rassen.
Section 2.2 Molosser, Mastiff type.
Nederlandse Beschrijving:
De Mastin Espagnol komt uit Spanje en werd vooral gebruikt als bewaker van
de kudden. Dit ras moest bescherming bieden tegen wolven en andere
roofdieren alsmede bescherming bieden aan de herders die met de kudden
trokken. De Mastin stamt waarschijnlijk af van de zware Middeleeuwse Doggen.
Overigens bleek de Mastin ook geschikt voor de jacht op groot wild. De
Mastin Espagnol is een uitstekende waakhond en tevens erg aanhankelijk voor
het eigen gezin. U dient dit ras wel consequent op te voeden. Momenteel ziet
men dit ras nog niet erg veel op de Nederlandse Tentoonstellingen.
Gebruik:
Waakhond
Activiteit:
De Mastin Espagnol kan prima buiten gehouden worden doordat de vacht goed
tegen weersinvloeden bestand is. De Mastin houdt van een stevige wandeling.
Verschijning:
Algemeen: De Mastin Espagnol is een zware en rechthoekige hond. Zij stralen
een enorme kracht uit. De rug is krachtig en goed bespierd.
De ribben zijn gerond. Minimaal is de ribomvang 1/3 van de schofthoogte.
De lendenen zijn krachtig en breed.
Brede en diepe borst, goed bespierd. De buik is een ietsje opgetrokken.
De voorbenen zijn recht en staan mooi parallel. Sterke beenderen.
Zeer bespierde schouders.
De achterbenen zijn krachtig met goede hoekingen.
De hals is breed, en stevig, goed gespierd en buigzaam.
De huid op de hals is dik en los.
Kleur: Eenkleurig geel, rood, zwart, wolfsgrauw en roodbruin. Ook gestroomd
of gevlekt. komen voor. Wit mag niet overheersen in de vachtkleur.
Hoofd en schedel: Het hoofd is sterk en breed.
De lengte van de schedel verhoudt zich als 6 tot 4 ten opzichte van de
snuit.
De schedel en snuit is van boven gezien vierkant. De schedel is breed en
moet in breedte gelijk zijn aan de lengte of zelfs iets breder zijn.
Occiput is duidelijk aangegeven.
De stop is niet erg duidelijk gemarkeerd. De snuit is recht en profil.
Van bovenaf gezien lijkt de snuit iets rechthoekig, die iets toeloopt naar
de neus toe.
De neus is zwart, groot en breed.
De ogen zijn klein in verhouding tot de schedel, amandelvormig en bij
voorkeur zwart van kleur.
De uitstraling is intelligent en edel. Het onderste ooglid mag iets van het
oogwit laten zien.
De oren zijn middelmatig groot en zijn hangend. Ze zijn driehoekig van vorm
en aangezet boven de ooglijn. In rust hangen de oren vlak tegen het hoofd,
maar niet te dicht tegen de schedel aan. Is de hond in aandacht dan kunnen
de oren iets van de schedel afhangen.
Staart: De staart is breed aan de basis en gemiddeld hoog aangezet. De
staart wordt bedekt met haar dat langer is dan dat op het lichaam. In rust
wordt der staart laag gedragen, juist reikend tot de sprong. Wanneer de hond
actief is of in beweging zal de staart sabelvormig worden gedragen. Voeten:Kattevoeten.
Goed gesloten tenen en stevig.
Aan de achterbenen kan een dubbele of enkele wolfsklauw aanwezig zijn.
Beharing: De bovenvacht is stokharig met dichte ondervacht.
Op de rug en staart is het haar langer.
Aan de benen is het haar korter.
Schofthoogte: Reu: minimaal 78 (wenselijk boven 80 cm),
Teef: minimaal 74 cm (wenselijk boven 75 cm)
Aard:
Moedig Zachtmoedig voor eigen gezin -Wantrouwend jegens vreemden
-Zelfverzekerd Intelligent - Waaks
back to top